GELOOF EN WETENSCHAP HOE GA IK DAAR MEE OM?

Je bent klaar met het voortgezet onderwijs en begint je studie op het middelbaar/hoger beroeps onderwijs of misschien zelfs op de universiteit en je loopt tegen bepaalde dingen op. Je krijgt bepaalde dingen te horen zoals dat God is dood, of theorieën over het ontstaan van de aarde en daarin heeft God geen rol.

Een bekende vraag die je als christen zelfs wel krijgt is of wij mensen afstammen van apen. Als christen kan dit confronterend overkomen.

Wetenschap

Één van de bekendste figuren van de 19e eeuw is Charles Darwin. Zijn evolutietheorie heeft heel wat ophef gegeven in een wereld die tot dan eigenlijk altijd geloofde dat alles is ontstaan in zes dagen. Dit was eigenlijk een statisch beeld wat onveranderlijk is gebleven en  veranderde in een dynamische wereld waarin planten, dieren en zelfs mensen zich aanpassen. Op universiteiten zijn er sindsdien discussies tussen creationisten (mensen die geloven in een schepping) en evolutionisten (mensen die de evolutietheorie aanhangen). Maar hoe zit dat met wetenschap, evolutie en schepping?

Binnen de wetenschap is er een onderscheidt tussen diverse soorten wijze van wetenschap uitoefenen. Zo heb je bijvoorbeeld de experimentele wetenschap die door middel van empirische onderzoeken tot hun conclusies probeert te komen. Deze manier van wetenschap probeert bijvoorbeeld door het onderzoeken van bijvoorbeeld deeltjes tot nieuwe inzichten te komen.  Je hebt de theoretische wetenschappen die door formules dingen experimenteren. De historische wetenschappen die onderzoek doen door dingen te duiden (dingen uit het verleden). 

Iedereen die nauwkeurig gaat nalopen of een vermoeden ook echt waar is, die bedrijft in feite wetenschap. Dat nalopen is tamelijk nieuw, want het was pas halverwege de 16e eeuw dat men voorzichtig een lijk open ging snijden om te zien of alle beweringen uit de eeuwen daarvoor wel klopten.
Desondanks blijven opvattingen uit eerdere tijd die ongeldig bleken, toch wel bestaan in zogenaamde volks- en ook wel alternatief genoemde behandelwijzen omdat ze zo lekker begrijpelijk zijn en heel soms omdat er wel eens een kern van waarheid in zit.
Afhankelijk van het gebied waarover vermoedens wetenschappelijk worden bestudeerd zijn de spelregels en daarmee de soorten bewijs verschillend en daarom ook de uitspraken die op basis van onderzoek kunnen worden gedaan.
Onverklaarde fenomenen zijn daarom wetenschappelijk altijd een reden voor nieuw onderzoek en een zo nodig bijschaven van de betreffende wetenschappelijke verklaringen.
Een algemeen bekend voorbeeld is de relativiteitstheorie van Einstein waarmee de zwaartekrachtswetten volgens Newton drastisch werden uitgebreid.
Zonder die uitbreiding hadden we geen GPS-navigatie gehad
En ook de uitvinding van de eerste enkelvoudige microscoop door Antoni van Leeuwenhoek en de op basis daarvan ontwikkelde lenzensystemen, ook voor telescopen, hebben de wetenschap een grote boost gegeven.
Dan komen we vaak niet verder dan verbazing over een aarde foto vanuit de ruimte.

 

BEWIJSKRACHT

Een belangrijke principe in de wetenschap is dat God buitenwegen wordt gelaten. Er is geen goddelijk ingrijpen. Dit valt namelijk niet te meten, er zijn soms van die verhalen dat iemand wonderlijk is genezen. Dit is zo'n goddelijk ingrijpen. Dit gebeurd bij lange na niet in alle gevallen en is daarom wetenschappelijk niet te verklaren.
Wanneer we naar andere wetenschappen kijken dan zien we. Dat in de wiskunde is het soms spijkerhard te bewijzen dat iets onmogelijk is. Het met passer en liniaal in drieën delen van een willekeurige hoek bijvoorbeeld is bewijsbaar onmogelijk. Desondanks zijn er mensen die dat eindeloos blijven proberen; en dat is zinloos tijdverdrijf. Daar is verder bijschaven of het voorstaan van een andere opvatting desondanks niet aan de orde.
Maar bewijzen dat een bepaalde plant of dier uitgestorven is, dat is lastig. De vraag of iets uitgestorven is blijft elk jaar staan totdat er wonderbaarlijk er één word ontdekt. Zo zijn er vele onderzoeken gedaan naar het monster van Loch Ness, en het bewijs dat hij bestaat blijft uit. Maar het is dan wel verrassend dat er toch bog een levende Coelacanth word gevonden. In de eerste instantie werd aangenomen dat deze was uitgestorven. 

Wetenschappelijk is dus een echte sport en is altijd bezig om te onderzoeken of er aan alles een sluitende verklaring kan worden gegeven. Zij word dan ook geholpen aan de immens toegenomen mogelijkheden om dingen die we niet kunnen zien toch waar te nemen. Ondanks deze mogelijkheden zijn er dingen die onverklaarbaar blijven. Met name wanneer het gaat om dingen in het verleden. Omdat we er niet bij waren, is het nog steeds niet duidelijk hoe de maan is ontstaan. We kunnen met proeven dit gebeuren niet nabootsen. Maar omdat we nu op de maan zijn geweest en daar stukken van mee hebben kunnen nemen, kunnen we dit wel verder onderzoeken.
We nemen even een stap naar de natuurwetenschappen. Binnen die tak van de wetenschappen worden er allerlei onderzoeken gedaan, bijvoorbeeld naar erfelijke aandoeningen. In de tijd toen de Bijbel werd opgeschreven waren al dit soort onderzoeken nog niet bekend en gaf men hier een goddelijke oorzaak aan. Iemands ziek zijn, kwam door iemand van boven. Tegenwoordig wordt hier anders naar gekeken, en daarbij hoef je als christen een goddelijk ingrijpen niet volledig te ontkennen. Maar de feiten zijn dat erfelijkheidsonderzoek ons laat zien dat bepaalde afwijkingen genetisch bepaald zijn. Met dit soort aards harde onderzoeksresultaten wordt God als het ware toch wat naar de achtergrond gedrukt.

 

Evolutie?

Hoe zit dit met de evolutietheorie? We moeten ten eerste stilstaan dat de evolutietheorie nog in ontwikkeling is en er tot aan vandaag nog vragen zijn en ontdekkingen worden gedaan. Een bekende vraag die je als christen wel krijgt is of wij mensen afstammen van apen. Als christen kan dit confronterend overkomen. Het lijkt dan alsof men dan tegenwoordig het hebben over overgangen van de ene soort naar de andere. Maar wat dacht Darwin zelf? Die veronderstelde een geleidelijke groei van het ene soort naar het andere. De evolutietheorie gaat uit van een aantal dingen: 1. Nakomelingen  hebben toevallig veranderingen in hun genen die verschillen met die van hun ouders; 2. Deze veranderingen zorgen dat zij wel of niet zijn aangepast aan de omgeving. 3. Dit wel of niet goed aanpassen aan de omgeving leidt tot natuurlijke selectie, dus survival of the fittest, het overleven van de meest geschikten. Deze theorie gaat er eigenlijk van uit van een toevallig proces waarin mutaties en selectie plaatsvindt. Want variaties kunnen over soortgrenzen heen gaan, je moet alleen lang genoeg wachten dan kan er een nieuwe soort ontstaan.

 

Een belangrijke principe binnen de evolutie theorie houdt in dat alle leven op aarde aan elkaar verwant is. Mensen en apen stammen dus niet van elkaar af, maar zijn wel verwant en hebben ook gemeenschappelijke voorouders. En hoewel we er zo een 9-12 miljoen jaar geleden niet bij waren toen die voorouders van elkaar vervreemdden, kunnen we elke dag diezelfde evolutie zien gebeuren. Zoals ik hierboven al omschreef wijken nakomelingen af van hun ouders, dit zijn eigenlijk micro-evoluties.
Maar we kunnen ook nog een ander voorbeeld noemen, de toenemende resistentie van ziektekiemen tegen antibiotica. Net als onze voorouders of eigen broers en zusters, zijn ook alle ziektekiemen niet precies gelijk aan elkaar. Bij het toedienen van antibiotica zullen ze daarom een ietsje verschillend reageren. Voortijdig stoppen met antibiotica zorgt er dan voor dat niet alle ziektekiemen dood zijn gegaan en de overlevende zich met hun lichte afwijkend zijn van de dode, kunnen blijven voortplanten. Dat is de start van de resistente stam geworden.
Vanaf nu terug tellend tot een 9-12 miljoen geleden betekent zeker een 500.000 generaties van gezinnen met kinderen waarvan heel veel niet in staat waren om te blijven overleven. Door het overlijden werden eigenschappen die zij met zich meedragen eigenlijk uitgedund. De eigenschappen van die overledenen werden daarmee een klein beetje minder algemeen en zo schuift een hele soort stukje bij beetje af van wat ze eens waren. En schuift ze toe naar wat we nu zijn.
Soms, net als bij het uitsterven van de grote dino’s werden de omstandigheden met een enkele meteoriet-catastrofe onleefbaar voor de dino’s. Maar hierdoor kregen kleinere zoogdieren meer ruimte om te overleven en meer ruimte om door te ontwikkelen. Het is verbluffend dat zo een toevallige meteoriet, vele soorten heel snel laat uitsterven en die andere, die van de zoogdieren juist ruimte geeft tot om op te bloeien. De moderne Darwinist ziet daarin een demonstratie van het het onontbeerlijke toeval.
Vanuit diverse expertises in de wetenschap wordt er onderzoek gedaan naar heel veel vragen die nu nog openstaan als het gaat om de evolutietheorie. De laatste jaren zijn er veel ontdekkingen gedaan zoals op het gebied van DNA onderzoek. Maar tegelijk zijn er dingen die onduidelijk blijven, denk maar bij opgravingen van fossielen. Er zijn dan vaak vragen hoe dat beest eruit heeft gezien, welke kleur het had, noem maar op.
Dit gat wordt vaak opgevuld door extrapolatie. Men gaat bepaalde dingen zo interpreteren om deze vragen te beantwoorden. Ik noemde net al het voorbeeld van een skelet die opgegraven is en dan proberen ze een digitale foto te reproduceren, hier komt dus heel veel interpretatie bij kijken. Zo kan er worden geïnterpreteerd dat het beest wel of geen veren had, bepaalde kleuren, etc. Terwijl hier geen of weinig bewijs voor is.

 

Hetgeen wat ik hierboven heb omschreven is een samenvatting van de huidige evolutietheorie. Eigenlijk gaan mensen die deze theorie aanhangen veel verder dan Darwin zelf bedoeld heeft. Die eigenlijk toch ook een goddelijk ontwerp of oorsprong voor ogen had. Kortom, de moderne opvatting is die van “alles is toeval”. Dit beeld van het ontstaan van alles gaat haast hand in hand met een atheïstisch wereldbeeld. Dit is gelukkig niet een opgelegd iets en er bestaan ook andere visies zoals de intelligent design en theïstische evolutie.

Geloof?

Maar wat kunnen wij als christenen met deze evolutie theorie? Hoe waarschijnlijk is het dat God de wereld in zes dagen geschapen heeft? Want één ding is zeker en dat is dat de christelijke opvatting van een creatie in zes dagen zoals omschreven staat in Genesis niet meer onomstreden is. Door de eeuwen heen werd Genesis op verschillende manieren gelezen en geïnterpreteerd. Er waren mensen die de zes dagen heel letterlijk namen, maar ook anderen die het als een soort allegorie (metafoor/symbool) lazen. Zoals ik al eerder aangaf is een letterlijke lezing van Genesis niet meer onomstreden door al de ontdekkingen die er zijn gedaan. We hoeven het daarom niet letterlijk als zes dagen te lezen, maar kunnen in dit verhaal zien hoe God betrokken is rondom het ontstaan van hemel en aarde en bij alle ontwikkelingen.
Wat vaststaat is dat we de wetenschappelijke inzichten die wijzen op evolutie serieus moeten nemen. Maar betekent dit dan dat wij een atheïstisch wereldbeeld moeten aannemen? Nee. Wat kunnen christenen inbrengen? God! Wat is een wereld zonder God. Zonder God zou de wereld zinloos zijn, misschien wel niet kunnen bestaan. Ons bestaan zou niet te verklaren zijn zonder God. Ik noemde hierboven al de overgang van apen naar mensen. Maar deze overgang zou eigenlijk niet te verklaren zijn wanneer er geen God zou zijn die optreedt als een soort architect. Het specifieke wat ons mensen maakt, onze ziel, komt niet voort uit materie. Maar heeft een goddelijke oorsprong. Ook onze moraal kan niet slechts het gevolg zijn van toevalligheid.

We gaan even terug naar de natuur verschijnselen. Er is een bekende Nederlandse filosoof die zich afvroeg of het wezen van God identiek is aan wat mensen de natuurkrachten noemen. De filosoof, Spinoza, vroeg zich dus af of de natuur God zelf is. Dit is een interessante benadering van de natuur, wanneer we dit doortrekken dan zou je kunnen zeggen dat we in de natuur en alles wat daarbij komt kijken we God zouden kunnen ontdekken. Tegelijk wanneer we deze uitgangspositie zouden aannemen, dan zou God zich alleen maar beperken tot de natuur en natuurkrachten. God zou dan ook verantwoordelijk zijn voor diverse natuur rampen. Dit zou alleen in strijd zijn met het christelijke verhaal die ons ook verteld over het bestaan van kwade krachten en een God die goed is. Deze wereld is niet perfect, er zijn rampen, mensen gaan dood, etc. God word vaker door christenen vergeleken met de metafoor van de klokkenmaker. God zou alles in het begin in gang hebben gezet en ingrijpt wanneer dat nodig is (net als een klokkenmaker).

We kunnen als christenen dus enerzijds zien en aannemen dat we in een wereld zijn die continue in ontwikkeling is. Maar kunnen we anderzijds juist zien dat deze ontwikkelingen worden gestuurd door God. Zo kunnen we zeggen dat Gods plan en bepaalde “toevalligheden” in de evolutie theorie elkaar niet uitsluiten. Een wijs man zei eens: “God kan zelfs toeval gebruiken in zijn plannen.” Dit is een uitspraak van Thomas van Aquino een bekende middeleeuwse theoloog.

 


Wanneer je nog verdere vragen of hulp nodig hebt stuur dan een mail of vul het formulier in.
Je kunt ook hieronder een reactie plaatsen

Reactie plaatsen

Reacties

Kasper
2 jaar geleden

Hallo Arjen,
Bedankt voor je reactie!
Je vraagt wanneer de hemel en aarde geschapen zijn? In de wetenschap verschillen de visies rondom de oudheid van de aarde en dus ook van de heelal. Er zijn wetenschappers (met name christelijke) die door onderzoek proberen aan te tonen dat de aarde een aantal duizend jaar oud is. En dan heb je een grote groep wetenschappers die vanuit gaat dat de aarde (de rest van universum) miljoenen jaren oud is.
Maar bedankt voor je tip, ik zal kijken of ik binnenkort meer tijd heb om dit meer toe te lichten.

Groeten,

Kasper

Arjen
2 jaar geleden

Je schrijft hier over de schepping, maar je ontwijkt een beetje de vraag wanneer de schepper dan de aarde , de mensen , dieren en het heelal heeft geschapen. Kan je jouw visie erbij zetten?